Belastingen

tips

Belastingen

Belasting voordeel 2019
Ieder(in) behandeld in een artikel een Stappenplan voor de aftrek van zorgkosten over het jaar 2019.
"Een handicap of ziekte levert vrijwel altijd een stapeling van kosten op. U betaalt bij voor medische zorg, hulpmiddelen, aanpassingen, extra kleding, reiskosten, dieetvoeding en nog veel meer. Een deel van die kosten kunt u terugkrijgen via de aangifte inkomstenbelasting. Maak gebruik van de aftrek van zorgkosten! In dit artikel vindt u een kort stappenplan voor deze aftrek. Wilt u meer weten? Kijk dan op Meerkosten.nl voor uitgebreide, gedetailleerde informatie."
Zorgkosten aftrekken van de belasting (Iederin) en meerkosten.nl
 
Belastingaftrek van hulpmiddelen
U mag de kosten voor bepaalde hulpmiddelen aftrekken. Maar alleen als de kosten die u betaalt niet onder het verplicht en vrijwillig eigen risico of verplichte eigen bijdrage vallen. Hulpmiddelen zijn voorzieningen of apparaten die hoofdzakelijk door zieke of invalide personen worden gebruikt. Het kan bijvoorbeeld gaan om een voorziening die u in staat stelt om een normale lichaamsfunctie te verrichten, zoals een prothese of een hoortoestel. Ook voor andere medische hulpmiddelen geldt de voorwaarde dat deze hoofdzakelijk door zieke of invalide personen worden gebruikt. Met kosten bedoelen we de kosten die u maakt voor het kopen, onderhouden, repareren en verzekeren van deze hulpmiddelen.
De kosten voor de volgende hulpmiddelen zijn bijv. aftrekbaar:
-Steunzolen
-Gehoorapparaten
-Hulpmiddelen die bedoeld zijn ter vervanging van het gezichtsvermogen
(Dit zijn bijvoorbeeld de kosten van een blindenstok, een blindengeleidehond of bepaalde aanpassingen aan een computer. Let op! De kosten van hulpmiddelen ter ondersteuning van het gezichtsvermogen, zoals lenzen of een bril, of het laseren van een oog ter vervanging van een bril, zijn niet aftrekbaar.
-Blindengeleidehond
-Prothesen
-Dyslexiepakket
(bijvoorbeeld softwarepakket speciaal voor dyslexiepatiŽnten)
-Een alarmsysteem in verband met een specifieke ziekte
(Bijvoorbeeld een detectie- of alarmapparaat voor mensen met epilepsie)
-Stomadouche
-Aanpassingen van zaken die hoofdzakelijk worden gebruikt door zieke of invalide personen
-Onderhoud, reparatie en verzekering van bovenstaande hulpmiddelen
-Zorgrobots
www.belastingdienst.nl

Lijfrente voor gehandicapt (klein)kind
Via een lijfrentevoorziening kunt u bijdragen aan een hoger inkomen voor uw gehandicapte of chronisch zieke kind of kleinkind, vanaf het moment dat dit (klein)kind meerderjarig wordt.
Bij de aangifte van inkomsten uit werk en woning (box 1) kunt u 'Uitgaven voor lijfrenten, periodieke uitkeringen of andere inkomensvoorzieningen' aftrekken. Hierbij geldt een ruime regeling voor de aftrek onder het kopje 'Premies voor lijfrenten voor een meerderjarig invalide (klein)kind'. Wilt u voor deze regeling in aanmerking komen? Dan moet de lijfrente waarvoor u de premie aftrekt, voldoen aan de volgende voorwaarden:
-Op het moment dat de periodieke uitkeringen uit de lijfrente beginnen, moet uw (klein)kind meerderjarig zijn.
-De uitkeringen mogen niet eerder stoppen dan bij het overlijden van het kind.
-Op het moment dat de periodieke uitkeringen uit de lijfrente beginnen, moet uw (klein)kind gehandicapt of chronisch ziek zijn.
-Verder gelden alle regels voor wat wel en niet door de Belastingdienst als een lijfrente wordt aangemerkt.
U bent bij deze aftrek niet gebonden aan de zogenoemde jaarruimte of reserveringsruimte. Toch zijn de premies voor lijfrenten voor meerderjarige invalide (klein)kinderen niet onbeperkt aftrekbaar. De uitkeringen moeten formeel 'strekken tot voorziening in het levensonderhoud, overeenkomstig zijn plaats in de samenleving'. De premies zijn daarom aftrekbaar als de uitkeringen ertoe leiden dat uw (klein)kind dezelfde levensstandaard kan handhaven als zijn ouders. Daarbij wordt rekening gehouden met de meerkosten die een handicap met zich meebrengt. In de praktijk wordt deze regel door de Belastingdienst ruimhartig uitgelegd.
Is zo’n lijfrente voordelig? Niet altijd. De uitkeringen uit de lijfrente verhogen het inkomen. Daardoor krijgt uw kind of kleinkind mogelijk minder huurtoeslag of zorgtoeslag. Of het betaalt hogere eigen bijdragen voor bepaalde voorzieningen. Verblijft uw kind of kleinkind als volwassene in een AWBZ-instelling, dan is meestal het enige effect dat de eigen bijdrage voor dit verblijf omhoog gaat.
www.meerkosten.nl

top